In 1935 begon William Magner met het produceren van Magners Cider in het plaatsje Clonmel, South Tipperary, in Ierland. Clonmel wordt ook wel vallei van de honing genoemd. En omdat je appels nodig hebt om cider te maken, heel veel appels zelfs, kocht Magners maar meteen een appelboomgaard. Magners Cider wordt gemaakt van maar liefst 17 verschillende appelsoorten en wordt twee jaar lang gerijpt in eiken vaten. Er zijn zeker snellere manieren voor het maken van cider, maar dan zouden het geen echte Magners zijn!

De zaken gingen goed en al snel verrees er een heuse Magners Irish Cider fabriek in Dowds Lane, Clonmel. In 1937 verkocht Magners 50% van zijn bedrijf aan cider fabrikant H. P. Bulmer en met hun expertise kon de productie enorm worden opgeschroefd. Na de Tweede Wereldoorlog kocht Bulmers de overige 50% van het bedrijf en werd de naam gewijzigd in Bulmers Ltd Clonmel. Na een aantal overnames en fusies heet het bedrijf nu weer gewoon Magners en is het in handen van de C&C group. Magners Irish Cider is in de loop der jaren zo bekend geworden buiten de grenzen van Ierland, dat in het jaar 2000 Bulmers Ltd. Clonmel Magners exportlijn lanceerde. Magners is een waar succesverhaal.  Het aandeel in de biermarkt groeide van 2,8% tot meer dan 10% in minder dan 10 jaar tijd. Magners Irisch Cider wordt nu geëxporteerd naar meer dan 50 landen en blijft nog altijd gestaag groeien.